Flo van Bommel

P1080284-1 (1)
productiegroep



De deur staat open,
altijd net op een kier.
Het licht valt vreemd naar binnen
en danst op de rand, van wat ik nog niet ken.
Net als de schaduw in mijn eigen wereld.
Zwevend tussen vormen,
die nog onbegrepen worden.
Tastend naar iets ongrijpbaars,
wat altijd ver lijkt,
maar toch huidkriebelend dichtbij is.

 

Ik ben wind.
Ik ben mist.
Ik ben het moment tussen inademen
en,

 

 

loslaten.

 

 

Mijn handen grijpen niets,
maar voelen alles.
De regels breken als de tak van een boom.

 

Niets blijft zoals het was.
Niets mag blijven staan.

 

Laat het maar vallen.
Laat het maar stromen.
Dit spel wordt gespeeld,
zonder te weten waarom.

 

De theatervloer, het woud van veranderlijkheid,
waar de bomen fluisteren als souffleur,
vormen een podium.
Voor de beweging waar de ik vervormt.
En waar ik mezelf breek,
om opnieuw te beginnen.

 

Volg de nevel,
verdwijn in mijn maken,
want, wie ben jij..
zonder het loslaten van wat je dacht te zijn?

 

Schilder met stilte,
dicht met de lucht.
Elk woord dat ik laat vallen,
verspreidt zich als een blad in de wind.

 

En achter die deur,
voel ik dat iets mij roept,
teder en fluisterend,
dwingend genoeg om te volgen.

 

Niets is vast, alles is mogelijk.
ik ben, maar ik weet nog niet wat dat betekent.

 

Daar, tussen wat ik wil en wat ik vrees,
ligt de sleutel tot alles wat ik ooit zal worden.